Dubbelconcert

Om het ultieme gevoel van de Keltische harp te ervaren is Duitse harpist Thomas Loefke de beste leidsman die op het Europese vasteland te vinden is. Hij verblijft jaarlijks langere tijd op tot de verbeelding sprekende plaatsen zoals Tory Island, of Oileán Thoraí in het Iers, de Faeröer eilanden, de Hebriden of de Shetland eilanden. Plaatsen die Thomas inspireren en de creativiteit in hem aanwakkeren. Van de klanken uit de Keltische Middeleeuwen en de levendige dansen van Ierse volksmuziek tot de vele originele composities heeft elk nummer zijn eigen textuur, sfeer en verhaal te vertellen. De foto's die hij zelf op de eilanden maakte, begeleiden en versterken zijn composities.

In zijn lyrische stijl wekt hij de dramatisch kustlijnen op, openbaart zich de weidsheid van de Atlantische oceaan en ontrolt zich het steeds wijzigende schouwspel dat de wolken bieden.

Thomas leerde zijn vak van toonaangevende Ierse meesters als Máire Ní Cháthasaigh, Helen Davies, Janet Harbison en Aine Ní Dhúill. Hij toerde met Norland Wind, Clanad, Riverdance-violiste Máire Breatnach, met de Faeröerse violiste Angelika Nielsen, met pianist Lutz Gerlach en de fluitist Ellen Czaya.  Zijn albums, tournées en concerten worden telkens lovend onthaald en Thomas werd dan ook bekroond met  talloze prijzen.

In perfect harmony, Loefke's sound images took the audience into his world filled with birds, fish and dolphins, driftwood, bizarre basalt columns, magical caves, green forests and rugged rocks, to mystically silent lakes and joyful dances of the islanders in the North Atlantic.
                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                          (Annette Hausmanns, Wetterauer Zeitung)

Een Ierse muzikant, maar veel meer dan dat, is David Munnelly. De Jigs, reels, slow airs en laments uit zijn Ierse moederschoot blijven hem inspireren, maar vanuit die roots verkent hij een universum en zichzelf. Met wonderlijke composities, experimentele toevoegingen en innovaties dwingen hij en zijn kompaan tot een uur ademloos luisterplezier.
 
Hij schuurt aan tegen de dansmuziek uit de Roaring Twenties, de tango nuevo van Astor Piazzolla, de manouche-jazz van Django Reinhardt, Balkan-lick hier, klassiek deuntje daar, musettewalsje, Jiddische riedel, flard bluegrass, pittige scheut Quebequois Arcadian. Uit die chaos peurt hij fris en fruitige muziek die de grenzen van het Iers-Keltische idioom mijlenver overschrijdt.

Waar David tot de top behoort, geldt hetzelfde voor zijn muziekbroeder Shane McGowan.  De stergitarist houdt met zijn open getunede DADGAD-gitaar de trekzakwizard in cadans, vult aan en laat zich ook vocaal horen. Alsof hij de verwarring oppookt, put hij uit het liedrepertoire van zijn illustere naamgenoot. Ook het schitterende nalatenschap van John Martyn schuwt hij niet.

Zowel voor de folkie in hart en nieren àls voor de liefhebber met brede smaak een must be there!